Skip to main content

LOTUS: bevestiging van langetermijn ozontrends voor het 2018 WMO/UNEP ozon-evaluatierapport

Research Topic Chapter
News flash intro
Het Montreal-protocol, een internationaal verdrag ondertekend in 1987, verbiedt de productie van chemische stoffen verantwoordelijk voor de aantasting van de ozonlaag. Tegen 2006 werd duidelijk dat de verdere afbraak van dit beschermend UV-schild halverwege de jaren negentig gestopt was. Het duurde echter tot 2018 vooraleer met zekerheid vastgesteld werd dat de ozonconcentraties in de stratosfeer weer langzaam toenemen. Dit werd reeds decennia geleden voorspeld. De bevestiging hiervan is dan ook van groot wetenschappelijk en maatschappelijk belang, en werd mogelijk gemaakt door onderzoekers van het BIRA die de internationale onderzoeksactiviteit LOTUS initieerden en coördineerden, onder toezicht van het World Climate Research Programme.
Body text

Wetenschappelijke evaluatie van de aantasting van de ozonlaag

Ozon in de stratosfeer beschermt mensen en de biosfeer tegen ultraviolette zonnestraling die het risico op huidkanker, cataract en onderdrukking van het immuunsysteem verhoogt. De onaangename ontdekking begin jaren tachtig van een gat in de ozonlaag elke lente boven Antarctica, en van zijn snelle afbraak over de rest van de wereld, spoorde de beleidsmakers aan om in 1985 het Verdrag van Wenen te ondertekenen, gevolgd in 1987 door het Montreal-protocol. Zodoende werden de productie en uitstoot van chloorfluorkoolwaterstoffen die de ozonlaag aantasten verboden.

Daarnaast kreeg de onderzoeksgemeenschap de opdracht om –elke vier jaar– de toestand vast te stellen van:

  • de ozonlaag
  • de stoffen die verband houden met de afname ervan
  • de effecten van klimaatverandering op de ozonlaag

Die vierjaarlijkse beoordelingen worden gecoördineerd door de Wereld Meteorologische Organisatie (WMO) en het VN-Milieuprogramma (UNEP).

Stopzetting van de afbraak

Latere metingen door verschillende grond- en satellietinstrumenten toonden aan dat het aftakelingsproces vertraagde en dat de hoeveelheid ozon in de stratosfeer uiteindelijk stabiliseerde rond 1997. Deze cruciale waarneming bevestigde dat het verbod op chloor- en broomhoudende gassen de ozonlaag had helpen beschermen.

De volgende vraag was dan of de ozonconcentraties weer zouden toenemen naar hun oorspronkelijke niveau, als gevolg van de dalende hoeveelheid schadelijke stoffen.

Ozonconcentraties in de hogere stratosfeer nemen opnieuw toe

Het antwoord vinden op deze vraag bleek een grote uitdaging te vormen door:

  • de intrinsieke veranderlijkheid van de atmosfeer
  • de onzekerheden verbonden aan de metingen en de schattingsmethodes van de lange-termijn trends

De invloed van deze laatste twee factoren werd tijdens de afgelopen twee jaar heroverwogen door de internationale onderzoeksactiviteit LOTUS (Lange termijn Ozon Trends en Onzekerheden in de Stratosfeer), uitgevoerd onder voogdij van het Wereld Klimaatonderzoek-Programma (WCRP) en diens Stratosfeer-troposfeer Processen en hun Rol in het Klimaat (SPARC) project.

Onderzoekers van het BIRA hebben LOTUS mee opgestart, gecoördineerd en ertoe bijgedragen, en ze bevestigden recent samen met hun internationale collega’s dat de hoeveelheid ozon toenam met 1,5% tussen 2000 en 2016 in de hogere stratosfeer over de gemiddelde breedtegraden in het noordelijk halfrond. Dit langverwachte positieve resultaat bevestigt dat het herstellingsproces van de ozonlaag daadwerkelijk begonnen is en dat de maatregelen getroffen door het Montreal-protocol effect hebben gehad.

Figure 2 body text
Figure 2 caption (legend)
Figuur 2: Regio’s in de atmosfeer met toenemende (rood) of afnemende (blauw) ozonconcentraties tussen 2000 en 2016. Stippen duiden op resultaten met lagere betrouwbaarheid. © LOTUS